Meer over Stichtelijk Woord

ZINGEN IN DE KERK

Lezen: Exodus 15:1-21

’Gij leidt door Uw weldadigheid dit volk dat Gij verlost hebt;’

Exodus 15:13a

 

Alle lof en eer wordt in dit lied toegebracht aan de HEERE, Die voor Zijn in het nauw gedreven volk een pad baande door de Rode Zee en ten gerichte kwam tegen Israëls onderdrukkers.

Ook wordt in deze zegezang beleden dat de Heere Zijn erfdeel absoluut zeker zal bewaken en begeleiden. De natiën zullen beducht zijn voor Jakobs God en Israël zal Kanaän verwerven. Hoe indrukwekkend zal het uit duizenden monden geklonken hebben: “De HEERE is mijn Kracht en Lied; De HEERE zal in eeuwigheid en geduriglijk regeren”.

Maar …. kwamen de harten der duizenden ook overeen met hun monden? Ach, de geschiedenis der woestijnreis leert, dat het volk gedurig murmurerend en wantrouwend tegenover de Allerhoogste stond.

 

Ik denk vervolgens aan onze kerkdiensten.

Uit volle borst worden de Psalmen aangeheven. Klopt ons hart in ons lied? Beoefenen wij in de praktijk, hetgeen wij zongen?

Beschaamdheid moet ons het hoofd doen buigen.

Maar daarbij blijve het niet. Het kome tot de smeking, dat de Heilige Geest ons in alle waarheid leide en ons de verzen doe inleven. Het worde: “Ik zal met hart en mond, o Heer’, Uw Naam verhogen en Uw eer.” Hoort u het? Eerst met het hart en daarna ook met de mond! Dan zal uw plaats eenmaal zijn in het machtige koor, dat het gezang van Mozes, den dienstknecht Gods, zal zingen. (zie Openb. 15:3)

 

Ds. E. van Meer

september / oktober 2021

 

  • © hersteld hervormde kerk 2021